Phytotherapie

Kruidengeneeskunde, ook wel phytotherapie, (‘behandeling met planten’) genoemd, is het behandelen van gezondheidsklachten en ziekten met plantaardige middelen. phytotherapie wordt vaak ten onrechte aangeduid met de term homeopathie.

In de kruidengeneeskunde gebruikte plantaardige middelen noemt men kruidengeneesmiddelen of phytotherapeutica. De definitie van de Nederlandse Vereniging voor phytotherapie luidt: “Geneesmiddelen die als actieve ingrediënten uitsluitend planten, delen van planten of plantenmaterialen of combinaties daarvan bevatten, in ruwe of bewerkte staat

Een algemeen aanvaarde definitie van phytotherapeutica luidt:
Geneesmiddelen die als actieve ingrediënten uitsluitend planten
delen van planten of plantenmaterialen of combinaties daarvan bevatten, in ruwe of bewerkte staat.” Tot voor kort waren heel wat kruidenmiddelen nog onvoldoende in kaart gebracht; de laatste decennia worden deze systematisch geëvalueerd op hun positieve of negatieve medische 
effecten en veiligheid. Het is verstandig om de doseringen te kennen en de manier waarop wij geneeskrachtige kruiden toedienen. Onze kennis van de kruidengeneeskunde en de heilzame toepassingsmogelijkheden is naar een succesvolle afronding meer dan uitstekend geslaagd.


Soorten phytotherapie:
Er bestaan twee vormen van phytotherapie: de reguliere en complementaire vorm.

  • Reguliere phytotherapie: Bij deze vorm wordt gebruikgemaakt van onderdelen van planten waarvan de reguliere geneeskunde de werking erkent, zoals Ginkgo Biloba. Gingko is een geregistreerd geneesmiddel dat wordt gebruikt om de bloeddoorstroming bij etalagebenen te stimuleren.
  • Complementaire phytotherapie: Dit zijn tabletten, crèmes en oogdruppels die bestaan uit onverdunde extracten van planten.

*Samenvatting:
Kruidengeneeskunde – phytotherapie – is de oudste geneeswijze die wij kennen. Al tientallen eeuwen zijn overal op aarde geneeskrachtige planten gebruikt: Babyloniërs, Chinezen, Egyptenaren, Grieken besteedden er uitvoerig aandacht aan, en in de 17e en 18e eeuw kreeg de phytotherapie een nieuwe impuls door de komst van kruiden uit Azië en Amerika. Toch werd al deze kennis in onze Westerse wereld terzijde geschoven: de moderne chemische geneesmiddelen leken kruiden overbodig te maken. We weten nu dat de chemie niet alleenzaligmakend is. 
We weten ook dat ieder mens over een aangeboren natuurlijke geneeskracht beschikt, die met behulp van natuurlijke middelen – waaronder kruiden – kan worden verstrekt. Kruiden kunnen een aanvulling zijn op de moderne geneesmiddelen, vaak werken ze vervangend. Van de 3000 verschillende planten met een geneeskrachtige werking worden er zo’n 200 regelmatig gebruikt.